A Bruise Upon The Silent Moon:
“En de Aarde was onherbergzaam
en verlaten en er heerste
duisternis in de diepte...”
The Promise Of Fever:
In den beginne
Gerand met wind en storm
Een immens zwart toorn van oneindige tal
Sprong grommend in een vorm
En daar was Hemel
Gesteund met schitterend steen
Elk stuk kon vallen enkel door de regel
Van trouw en liefde en sterk gemeen
En daarin stegen wonderen
Aanstellerij ten toon
Voortgebracht door geplunderde
Reflecties van een droom
Gesluierd naar nachtmerrie
Voor wiens plaats was gezet
Met dwarse sterren die absent, ontsieren
Alle creatie met hun roof
In den beginne
Gevleugeld en omringd met licht
Dees’ begunstigd Avatar, boeide
Zwaanzangen van hen die aan de kust verdringen zich
Met Gabriel en Michael
scheen Hij met kwade bedoeling
Voor loyaliteit, hun genot te zien
Hoe Hij hymnen hemelde (en zond)
Voor gesculptuurde lippen van Seraphim
Die het lot toen gruwelijk scheurde
(met vingervlug gevingerde strengen van harmonie)
Elke noot tot grimmig voorteken
Als een vertrokken nimbus is samengekomen
Over arabeske spitsen
Voor Hem die gloeit met heilig geprijs
die bedoeld waren voor een jaloerse God
Schijnende Feriluce
Schitterende gesel van gevallen Zielen
Gehuld in glorie, vloog
Naar meren ver geheiligd’ hoog
Lieflijk enge muziek omhulde de bries
Met draaiende tongen die de leiding omgaven
Als door een dichte bergmist
Zwierf hij vervloekt
(met gedachten op dreef)
Tot ineens, voorbij grijpende bomen
Hij pauzeerde om te drinken uit verboden stromen
die Sireense beloftes fluisterden
Om zijn dorst te lessen
(voor verkeerde sporten)
Deze wateren hielden geheimen
Als verkrachte Russische poppen
Waarin slecht en goed
Vochten voor controle over zijn Ziel
En dronken met de verzen van
verlangen’s eerste woorden
Sloop de last van het Universum
in herhaling
Horror in nummers te groot voor onderscheid tussen
Het rotten der wereld en de veroveraar draak
En liefde, een zeldzame orchidee zo fragiel in bloei
Is bespeurd ademsnakkend onder verduisterde manen
Schijnende Feriluce
Gereflecteerd in een botte spiegel
Klimmend uit de strop
Uit tijden in Goddelijke dienst
En zo een vreemd nieuwe melodie
Van wil en lustige fantasie
Verscherpt door de gesluierde, gezien
Danste van zijn veraste lippen
In roodgloeiende delen, de zilveren schreeuw
Van waarheid en haar verwijderde scene’s
Werd opgenomen en, het leek
Alsof God zijn woorden verdwenen
(Deze wateren verborgen visies
Als slachters in oorlog
De loop van het levensbloed
voor altijd perverterend)
In den beginne
Goed bedekt met halve tonen
Van kalmte en negeren
In gelijke stukken genaaid
Een gemarmerde boog van Engelen
Gezworen tot de Morgenster
Deelde zijn trots en diep binnen
Voelden zij koude schaduwen hen meeslepen
Hurt And Virtue:
Verre zichten
Gehuld in de nevel
Van een rode zonsondergang
Vielen tot gefluister
Onder sterren die gedaalde luchten ontsierden
Van de top van midnacht bergen
Schredend als een mist
Rebellen in wapenstilstand met Feriluce
(Eigenlijk konden weinig weerstaan)
Prezen groots zijn Helle-gang
Door dunne en marmeren klima
Waar Deugd in baadde, hun geraas maakte
Haar fonteinen stromen met wijn
Verheven met het gift
Van hun duister verleidende liederen
Dreef Zij van het pad
Waar Zij zeker op gezet was
Hoflijke chaos
Gewaardeerd in het zicht
Van de beschermende engel
Onderwezen in manieren om
Een andere liefde dan God
Te verstikken
Aanbeden in hun omhelsing
Als schaduwen des spin
Dirigeerde de maan als een betovering
Deze vreemde schikking
And dat was hoe het kwam dat zij
Gebracht werden voor de troon
Door tongen die hingen terwijl die van hen gingen
Over tedere kelen en prikkellend gekreun
Maar gedoemd nu, niet later
Door zijn leraar die was geweest
Hij sarde de Maker
Met de toekomst uit zijn geest
Van Michael, bezield door jaloezie
Een rijk geheel in Zijn gelid
En kruipend Mens klaar om te zijn
Zijn dierbaarste bezit
Zijn kinderen met losgeslagen wil
En de prijs van meedogenloze harten
Als de nacht tussen ondeugd en Deugd
Toen haar kus een litteken werd
Seraph vijanden
Waarom heeft mijn heer mijn oordeel verlaten
Ben ik niet vrij als hij
om mijn duisterste fantasieën te aan te randen?
Door verbitterde lippen
Werden deze woorden gekwijld
Gespleten met de zwepen
Bij hun heksenjacht verzameld
Hij zocht haar blik
In het overstemmend publiek
dat brulde in schrik...
Heiligschenner!
Heiligschenner!
Maar zij was er niet
Niet geliederd tot het lied van
hun levendig akkefiet
Maar werkend weer waar zij dat wilde niet
Een gunst omvatte Michael
In een galon van tranen die haar trots verwaasde
Hij nam het
Bloed kwam met
Spuug voor alle hemelse dingen
Spuug voor alle dingen zo stomweg blind
Hij scheurde Zijn verbond
En gooide op de grond
Zijn binding met de Hemel
Voor een heilige oorlog
En wachtend op dit sein
Een duizend vlammen, ongemachtigd
Verlieten hemelse posten
Om samen en verenigd
Hun gevallen leider terug te halen
Toen Hij nog eenmaal keek
En wierp een glans
Als een neerwaartse lans
Die stak als schuld in ieders geest
An Enemy Led The Tempest:
Als trots voorafgaat aan de Val
Zo nam hij zijn plaats voor de vlammenwal
Van valse koren wiens geloof in één
Was omarmd in deze geest wiens lot was verspeeld
Tussen vergeving en gemaakte schade
Een electrische geur van erge rotting
Verleende een hevige golf aan hun serenades
Door witte plekken als Zijn gevleugeld parade
Boog tot silhouet en om botte messen te scherpen
In immense luchten niet bekend met gespuis
Groeide Zijn macht
En bracht licht-tinten tot grijs
En erger, een derde der sterren tot duister
Toen ziedde donder
En gehuld in vallende nacht
Werd gesneden tussen goede en foute kracht
En over de kelen van criminelen
Toen liefde viel, brak los de storm
Van Hemel’s verste kust
Hoop werd tot verduistering gevormd
Berouw stopte misschien wel oorlogslust
Hij zou niet buigen noch meester dulden
Vloeken mompelen in de wind
Woedend raasde hij in Balrog brullen
Op een storm eerstgeboren door Zonde
Opnieuw vertoornd, hardnekkig scheurend
Als dolle beesten op jacht
Door tempeldeuren...
Oost gegooid voor de midnacht massa
En waar eens geluk regeerde zo sereen
In zoete plekken
Liepen nu open aders heen
Als ogen die zich ontdoen van verwante assen
Toen plotseling
Er scheen een afschuwelijk licht
En een stem als drie krankzinnigen
Verhief zich in distel spraak
“Gij heeft haat gebroed waar dit niet kon
En voor dit groot tekort
Hoe gij gevallen zijt Morgen Zon
Je trots vernederd wordt”
Hij zou niet buigen noch meester dulden
Vloeken mompelen in de wind
En kijk, de toorn van God sloeg neer
“Gij zijt niet meer een engel vol
Met licht, maar een lijk geheel geweerd
En gij zult voelen Mijn brandende wil...”
Deze raaf sprak toen: “Nimmer meer”
Nimmer een keer meer
En zo gezegd als zware kracht
Geworpen tegen vergulde Macht
Met veel manschappen nog op jacht
Wiekte hij en vluchtte heen
Zijn blik, een beeld onaangenaam
Op hun plaats en gemaakt tot traan
‘t Begin der tijd en noodlotten te gaan
Door alle eeuwen heen…
Ik weende voor hem een diep rode rivier
Die liep als bloed door steil ravijn
Om de schuld weg te sluizen die gleed
Naar Eva als tong der serpentijn
Want toen ik terug klom in de Hemel
Te hoog voor waarheid, de mist was dik
Mijn gezonken brein, dronken en klein
Zag het leugen: Die dwaas was Ik...
Alleen en koud, gelaat naar de scheur
Voorbij duister poort zonder terugkeer
Zijn gouden kroon vaagde van kleur
Als een kneuzing in het hart uitwijdend
Met thrill-moord cultuur schok golf lengten
Het touw waar nu hangt
Tien Geboden lang...
Om zijn verheven vingers glijdend
Damned In Any Language ( A Plague On
Words):
“Toen ontbrandde er in de Hemel
een strijd. Michael en zijn
engelen vochten tegen de draak,
die met zijn engelen terugvocht.
Maar de draak werd verslagen,
hij en zijn engelen hadden hun
plaats in de hemel verloren.
De grote draak werd eruit
geworpen, de oude slang, die ook
de duivel of Satan wordt
genoemd en die de hele wereld
misleidt. Hij en zijn engelen
werden op de aarde geworpen.”
Bab(a)lon AD (So Glad For The Madness):
Ik bloedde op een centraal leugen
Zoals een regelmatige Christus
Pijnlijke stigmata's draagt, verveeld
En zoals ik Job gooide, dreef ik
mijzelf tot een gemartelde stakker.
Om te zien of ik medelijden kon krijgen
Of knappe litanies van de Heer
Zo werd het complot zieker
met de komst van dagen
Zieke millenia verdikten
Met de rode wijn die ik sproeide
En hoewel ze rood zagen
Liet ik een vieze witte vlek
Een gesplinterde knoop in de aard
op Eden's echtelijke hulp
Zo blij voor krankzinnigheid
Ik liep de muren naakt naar de maan
In Sodom en Babylon
En door de rijke hoeren en gangen
van het Vaticaan
Leidde ik een vuile Borgia aan
Ik las de Urilia tekst
Zodat sterfelijken dienden
Als levend aas voor de dood
En toen ik hoop brak, liet ik
nog een paus met manna schil stikken
Voor Desade dicterend
In de donkere ingewanden van de Bastille
En zoals hij schreef, sloeg ik
Een royale slag naar de hoofden van
Frankrijk
En in de schittering van de guillotines
Zag ik anderen, gevallen, dansen
Ik was een ongenezelijke
Necromantische oude dwaas
Een phagadaena die kroop
Kwijlend over het verleden
Een woeste wolf in een sjaal
Een scheermes rand naar de regel
Dat de sterren overal
nooit waren voorbestemd om te blijven
Zo blij voor krankzinnigheid
Ik verhitte dromen, een dichter, vijand
van slaap
Preken een andere wending geven met de stank
van heksenjagers' vingers
waar slechte herinneringen liggen.
brandend, net als toen Dante
was vrijgelaten om Hel op de kaart te zetten
Ik verwekte ontwerpen en de betekenissen
om zicht te krijgen van de littekens
en de kuren ertussen...
Temidden van de lippen en de krullen
van deze kutwereld
in glimpsen zou ik zien
een nimf met ogen voor mij
Ogen van vuur die al het leven in vuur zetten
Lichten die kunst voorbij streven
In het vooruitzicht, dat geen intens middel van pijn
hun geheimen van mijn hart kon tonen
Ik wist haar naam niet
alhoewel haar kus hetzelfde was
zonder een fluister van schaamte
zoals ook Deugd of Zonde
En drukkend aan Haar kromming
Voelde ik mijn bestemming plotseling afwijken
Van verdoeming bewaard
tot een permanente grijns...
Zo blij voor de krankzinnigheid
Hallowed Be Thy Name:
Ik wacht in mijn koude cel
Als de bel begint te luiden
Terwijl ik terugkijk op mijn leven
En het heeft niet veel tijd
Omdat ze me om vijf uur naar de Galgen Paal brengen
Mijn tijd is bijna voorbij
Bijna voorbij, klootzakken
Als de priester komt
Om me de laatse riten voor te lezen
Kijk ik door de tralies naar mijn laatste uitzicht
Van de wereld die voor mij verkeerd is gelopen
Zou het een soort fout kunnen zijn
De overkomelijke angst is moeilijk te stoppen
Is het echt het einde en niet een vreemde droom?
Kan iemand me vertellen dat ik droom
Het is niet makkelijk te stoppen met gillen
Maar woorden ontsnappen me, als ik probeer te praten
Tranen vloeien, maar waarom huil ik eigelijk
Ik ben tenslotte niet bang voor de dood
Geloof niet dat er ooit een einde komt
Als de bewakers me naar de binnenplaats
brengen
Roept iemand vanuit een cel: "Moge God bij je zijn"
Als God bestaat, waarom laat hij me dan sterven?
Terwijl ik daar loop, drijft mijn leven voor
me
En hoewel het eind nabij is, heb ik geen spijt
Vang mijn ziel, want hij wil wegvliegen
Markeer mijn woorden, geloof dat mij ziel
voortleeft
Maak je niet druk om het feit dat ik weg ben
Ik ben verder gegeaan om de waarheid te zien
Als je weet dat je tijd snel voorbij zal zijn
Zul je misschien beginnen in te zien
Dat het leven daar beneden maar een vreemd waanbeeld is
Geheiligd zijt uwe naam
No Time To Cry:
Het is alleen maar een gevoel
Dat ik soms krijg
Een gevoel
Soms
En ik word bang
Net als jij
Word ik ook bang
Maar het is…
(nee nee nee) Geen tijd voor hartenleed
(nee nee nee) Geen tijd om te rennen en verstoppen
(nee nee nee) Geen tijd om in te storten
(nee nee nee) Geen tijd om te huilen
Soms in de wereld alsof
Je de hand die je voedt moet schudden
Het is zoals Adam zei
Het is niet zo moeilijk om het te begrijpen
Het komt als altijd neer op
Dat Jezus gewoon nooit kwam
Wat dacht jij te vinden
Het is zoals het hier altijd was…
(nee nee nee) Geen tijd voor hartenleed
(nee nee nee) Geen tijd om te rennen en verstoppen
(nee nee nee) Geen tijd om in te storten
(nee nee nee) Geen tijd om te huilen
Alles zal goed komen
Alles zal weer recht komen
Soms kan ik s’nachts nog niet slapen
En de stemmen gaan met de tijd voorbij
En ik houd...
Geen tijd voor tranen
Geen tijd om te rennen en verstoppen
Geen tijd om bang te zijn voor angst
Ik houd geen tijd om te huilen
(nee nee nee) Geen tijd voor hartenleed
(nee nee nee) Geen tijd om te rennen en verstoppen
(nee nee nee) Geen tijd om in te storten
(nee nee nee) Geen tijd om te huilen
Nymphetamine (Overdose):
Voorbijgaand als de geur van verrotting
Vervaagde mijn levensloop
Toen in wanhoop, mijn duisterste dagen
Verkeerd liepen en haar gezicht mismaakte
Van de mooiste der dienaressen tot
Een gladde perverse geest
Nymphetamine
Geheven te midden van narcissus
Op een vervloekte deken van sterren
Was zij alle drie de wensen:
Sex, sex, sex
Een geliefde hing op haar doden-rij
Ik was gepakt door haar ziekte
Hevig geschoten als Cupido’s boog
Wiens pijlen vlees wilden
En de blinderende flikkering van passie
In de schaduw van smalle straten
Waar hun gif nooit rantsoeneerde
De punten die zij in mij lieten
Twee sporen
Curiositeit
Iets passeerde tussen ons
Als een slechte braak
Opwaarts gericht
Ontmoette ik een andere soort
Van rat
In feite
Met alle kracht in mij
Gelikt en geplunderd
Spookte zij in alle hoeken van mijn geest
In zwarte
Watervallen
Zou niet witwassen
Haar vuile rook stapelen
Ze brandde me als een vuurhaard
Voor mijn komende zelfmoord
Geleidt naar de rivier
Midzomer, ik zwaaide
Een 'V' van zwarte zwanen
Verder met hoop naar het graf
En door Rood September
Met de lucht vuur-bekleed
Ik smeekte om je komst
Als een doorn voor de heiligen
Koud was mijn ziel
Onverteld de pijn
Ik stond tegenover, toen je wegging,
Een roos in de regen
Dus ik zwoer aan het scheermes
Dat nooit meer, geketend
Jouw duistere nagels van geloof
In mijn aderen zouden worden geduwd
Naakt op je graf
Ik ben een gebed voor jouw eenzaamheid
En zou je ooit snel
Boven op mij komen?
Want ooit eens
Vanuit de binding van je laagheid
Vond ik altijd
Het goede slot voor je heilige sleutel
Zes voet diep is de snede
In mijn hart, de tralieloze gevangenis
Ontkleurt alles met tunnelvisie
Zonsonderganger
Nymphetamine
Ziek en zwak van mijn gesteldheid
Deze lust, deze vampierachtige verslaving
Voor haar alleen in volledige onderdrukking
Geen beter
Nymphetamine
Nymphetamine
Nymphetamine meisje
Nymphetamine
Mijn nymphetamine meisje
Vergaan met je charme
Terug in het bos
Waar gefluister overtuigt
Meer suikerpaden
Meer witte dame gelegd
Dan pilaren van zout
Sluit in mijn armen
Houdt hun aantrekkelijke invloed
En dans vol in het maanlicht
Zoals we dat deden in die gouden dagen
Zegenende sterren
Ik herinner me de manier
We waren naald en lepel
Verkeerd gelegd in het brandende hooi
Naakt op je graf
Ik ben een gebed voor jouw eenzaamheid
En zou je ooit snel
Boven op mij komen?
Want ooit eens
Vanuit de binding van je heiligheid
Vond ik altijd
Het goede slot voor je heilige sleutel
Zes voet diep is de snede
In mijn hart, de tralieloze gevangenis
Ontkleurt alles met tunnelvisie
Zonsonderganger
Nymphetamine
Ziek en zwak van mijn gesteldheid
Zijn lust, deze vampierachtige verslaving
Voor haar alleen in volledige onderdrukking
Niets beter
Nymphetamine
Zonsonderganger
Nymphetamine
Geen beter
Nymphetamine
Twee sporen
Curiositeit
Iets passeerde tussen ons
Als een slechte braak
Opwaarts gericht
Ontmoette ik een andere soort
Van rat
In feite
Met alle kracht in mij
Gelikt en geplunderd
Spookte zij in alle hoeken van mijn geest
In zwarte
Watervallen
Zou niet witwassen
Haar vuile rook stapelen
Ze brandde me als een vuurhaard
Voor mijn komende zelfmoord
Satanic Mantra:
Aartsengel
Donkere engel
Leen me uw licht
Door de sluier van de dood
Totdat we de hemel in zicht hebben
All Hope In Eclipse:
Duizenden nachten omringden mij
In de schaduw van Vrouwe Anne Trophy
Zat als stenendemon in het midden van mijn likkende vlam
Een wrede tong aan het werk in haar geheime
kluizen
Zond rebels as in duisternis
Het komende uitsterven
Is gelijk aan het fluisteren van mijn naam
Legioen Ik herrees, een vloed van onmenselijkheid
Een zure heerschappij om de wereld puur te maken
De Asp op Farao's borsten
De atoomsplitsing onder dwang
Een scherpschutter bij de poort van bekladde parel
Mijn hart, verscheurd, liet een geplunderd graf
Behalve een ontvouwde vlag van haat
Om een hersenloos zombieras tot slaaf te maken
Heil allen, heil allen, heil allen het serpent
gift
Heil allen, liefde faalt, alle hoop ligt in de eclips
Zwarte Bijbels heb ik beschreven
met de woorden "Verdoemenis door ontwerp"
Het was een bittere waarheid, beter dan de leugen
Omdat hoop geveld was door reden
Troosteloos werd het seizoen
En de dood was snel om de hel van het leven op te zuigen
Lagere zielen, koud geworden, bedekten makkelijke
prooi
Toen de hemelse kudde, een goede partij, viel
Drong ik aan tot oorlog met God voor hogere tronen
Heil allen, heil allen, heil allen de Libertijnse
wens
Heil allen, liefde faalt, alle hoop ligt in de eclips
(Er was geen gebed over in deze verwrongen
wereld) Toen, tussen het verleden en een
ravenzwarte duisternis
Kwam een geslepen Messias
In het midden van onderhandeling met verplichte inhaligheid
Zij stal de ziel die haat had verkocht
Een eeuwenoude kou blies door de eeuwen
Die nacht deden verzoenende ogen
Een brandde man in Mij ontwaken Toen
liefde lag te bloeden
En de Schikgodinnen zaten te voeden
Van gestoken wonden onder
Deze cherubijnen vleugels
Zij van verwant licht
Offerde met dank
De eeuwigheid op
Om alleen maar
bij mij te zijn... Als de maan wiens
zilveren vingers spelen
Op woorden en dromen te verdoemd voor de dag
Leidde zij mijn handen naar landen die mij niet toekwamen
Waar de ochtend van de Faun haar gouden haren baadde
En geloof vernieuwde daar, en liep stralend over
Ik prijsde hun waarde, en plande ook de overwinning over hen
Heil allen, heil allen, heil allen het serpent
gift
Heil allen, liefde faalt, alle hoop ligt in de eclips
Heil allen, heil allen, heil allen de Libertijnse
wens
Heil allen, liefde faalt, alle hoop ligt in de eclips
En naïviteit is werkelijk zalig…
Coffin Fodder:
De tijd is gekomen
Om te herrijzen
Vrijheid til op uw smerige zoom
Vrij van beesten en doorboorde mensen
Mijn dromen ontrollen
Tienduizend kronkelen
Hun wereld zal mij nooit krijgen
Zij zullen mijn ziel niet ontheiligen De
sterren die ik greep
Zijn verre constellaties
En wensend op deze sterren
Dat mijn geest vernietiging tegenhoudt
Van aardse miserie
De gastheer van de meest vreeswekkende vormen van hebberigheid
Geesten van parelachtige poorten van vermindering
Voor eeuwig bespoken zij mij
Snij de heks en zie hoe hij bloed
Zoals met elke inquisitie Liegend vanaf
het begin
Prezen de priesters hun werk
Oude glories schofferend
en stervend, vertrok ik
Om van hun gezonken harten
Een doodskist te maken voor hun verhalen
De tijd is voorbij
Om te falen wanneer
De vrijheid door mijn sombere pen glipt
En poorten openbreken voor de wolven
Mijn gevoelens lijken
Een constante prooi
Maar klauwen raken mij nimmer meer
Deze hoeren zijn gevlucht naar duistere oorden
Boven en ver achter
Heb ik gewrongen in mijn positie
Maar nu zijn de winden sterk
Om uit Babel's visie te suizen Van
keelsnijdende jaloezie
Van haven naar haven broedden deze halfbloedjes
Honden van mistige afkomst Gangmaken, om
snel te gaan
Terug naar een sterke geest
Wanneer mijn moordende maan is opgekomen
Proberend van het begin
Deze creaturen van het duister
Te drinken morgenglorie
En stervend, vertrek ik
Om van hun dronken harten
Een doodskist te maken voor hun verhalen
Innovatie in ovatie
Verbeelding beweegt Ergens gloeit de
zonsondergang en
Kleurt kusten van de bulderende zee rood
En toch geliefd is er iemand die wegkwijnt
Voor golven van bloed om te rennen en mij te redden
De tijd is gekomen
Om te herrijzen
Vrijheid til op uw smerige zoom
Vrij van beesten en doorboorde mensen
Mijn dromen ontrollen
Tienduizend kronkelen
Hun wereld zal mij nooit krijgen
Zij zullen mijn ziel niet ontheiligen
Absinthe With Faust:
Schenk de emerald wijn
In kristallen glazen
We zullen het heilige aanraken
Door gekuste katharsis Laat ons schelden
op de zeven jaren van pijniging
Van de Ultra-decadent
Voor een bedorven wereld en de geschilderde vrouwen
waar onze fantasie van overliep Sluipend
door vrouwen vertrekken, gehuld in bedwelmende thema's
Nippend aan het bizarre, proevend van overvloedige dromen
Een toast voor de grootste heiligschenners ooit
Waar voor alles dat men wint
Men betaald wordt gezet We raakten de
sterren aan
die nu van veraf lachen
Naar ons, de verdoemden... De Verdoemden
We hebben onze tijd besteed
Gedrenkt in overweldigende rijkdom
Maar wanneer midnacht slaat
Zullen vergulde zielen zich overgeven?
Laat ons drinken op de onbezonnen rand
Van poelen van uitwerpselen
Al onze klote manieren alleen voor glamour en glitz
Die Mephistopheles leende Ik herinner
mij de nacht alsof het gegraveerd is
Een heldere marmeren brug uitgespannen over duistere golven
Naar de kust van de maan en door haar gunst
Kwam die geleerde vreemdeling
Die Klootzak Hij was een jager,
crediteur koud
Ons bloed was vergoten op het perkament oud
Al dat glittert is geen goud
Maar we wilden alles hebben
En verloren daarom onze ziel Kom mijn
vriend, hef tot ons Lot
Twee-vinger shots bij onze laatste soiree
Omdat de morgen, ben ik bang
Maar al te dichtbij is
Deze steile wand naar Hel’s hoge poort
A Gothic Romance:
Avond menuetten in een kasteel aan de zee
Een juweel meer stralend dan de maan
Liet haar masker neer voor mij
Het subliemste wezen de Goden, vol van lust
Verwonderden zich of zij als koningin aan hun zij kon zijn
Doordrenkend de lucht met haar geurig verlangen
En mijn hart opgewonden met graf poëzie
Van gunst werd ik verliefd op haar
Reuk en katachtige verlokking
En speelse bosland ogen die leidden naar het onreinste
“Erotisch geladen fantasieën in deze warme herfstnacht
Ze suste me weg van de rijke maskerade
En samen kleefden we in het bloedende maanlicht”
Geparelde luna, welke betovering sprak gij op mij?
Haar ijzige kus verhitte mijn nek
Als fluisterende golven op Acheron’s strand
In een kolk van zoete stemmen en standbeelden
Die spookten de stervende bomen
Nam deze ontspoorde verleidster in zwart, mij…
In vaal azuur ochtendgloren als Ligeia
herboren
Trok ik mij vrij van mijn slaap - van het graf
Op de zee-mistige grond waar stenen figuren, troosteloos
Weeklaagden de geest van haar
Verbijsterd en slap, doch met passie verzadigd
Hongerde ik voor verloren ouverturen
De vloek van onrust en haar vurig liefkozen
Kwamen meer dan mijn ziel kon verduren
Ik, opeens strevend om haar om haar weer te
zien
Opstaand uit midnachts traagheid
Onwetend van zelfs haar naam
Op een steile rotswand boven vleselijke hel
Danste ik als een blinde misdienaar
Dronken door wijn, haar dode lippen op mijn
Vermengt met parfum van nacht
Urenlang snelde ik in het omliggende gebied
In de hoop op onze ontmoeting
Toen storm wolken losbraken, vergrauwd, vermoeid
Zocht ik mijn heil op een begraafplaats
Slaap, geleide dromen
Getint tot nachtmerries van een zonloze onderwereld
Meesteres der Duisternis
Ik weet nu wat gij bent
Geschreeuw bezoekt mijn slaap
Getrokken uit nachtmerries die gij heeft samengevoegd
Lamia en Lemures
Hebben jou voortgebracht
Om mijn vlees te vangen
Portret van de Dode Gravin
Diep onteerde pijn die ik had gedroomd
Vertoonde overlijden, straf des leven
Latend weinig kracht om deze ellendige tombe dicht te maken
Maar vergiftigde nectar wekt op in mij
Opwindende lust en morbide reden om te zoeken
Door ragfijne manufactuur tot waar ze sterft
Godin van de begraafplaats, van de storm en de maan
In foutloos fatale schoonheid verplicht haar eigen gelaat
Glimpen van een hemel waar geest gezelschappen vielen
Te rouwen over het verlies van god in het zwartste fluweel
Gekleed in hun val als een snel silhouet...
‘Vergankelijk, omschaduwd
Gij zijt ingewijd in mijn zonde
Geheimen dood, zoude gij
Het gruwelijke daglicht op mijn huid toebrengen?
Wilt gij mij niet aanbidden
Met dieprood offergift
Zodat mijn kut mag bewegen tegen uw kus
En huilen met wedergevonden leven?’
Rode rozen door de Duivel’s hoer
Donkere engelen proeven mijn tranen
En fluisteren spookachtige requiems
Zachtjes in mijn oor
Lust-vuur heeft gruwelijkheden hierheen gelokt
Nachtelijke puls
Mijn aderen brengen voort hun wateren
Verscheurd door lippen die ik het meest lief had
Gespoeld op haar verraderlijke kusten
Waar verdrinkende schimmen over de sterren
Graven verzwarten waar geliefden hoereren
Als seraphim en Nahemah
‘Nahemah’
Pluk mijn ogen eruit, haast je, beëdig
Blind verstand tegen u, Tovenares
Want ik moet weten, zijt gij niet dood?
Mijn hart weerklinkt bloedloos en vertoornd...
Jaagt verleiding door de nacht in onkuize
feesten
Kwam de koningin van de Hemel niet als Duivel naar mij?
Op die fatale Allerheiligen toen we alle gezelschap verlieten
Terwijl de muziek om ons zwiepte in de knisperende, verdoemde
bladeren
Onder gehoornde Diana waar haar bloedlijn was gezaaid
In een begraafplaats van Engelen gekliefd in koud gemarmerd steen
Betreur ik het verlies van leven in somber fluweel
Gekleed in Dood’s schaduw als een sneller silhouet...
Malice Through The Looking Glass:
Neem nu weg de wijn
Want onrustheid plaagt mij...
Ik ben aangevallen door een schim grondiger
Dan haat en treurnis of de som van hun afschuwelijk misdaad
Ik zal deze confessionele nabootsing doorstaan
Afwachtend de zonsondergang, rodende zeeën
Alleen wanneer het donker is gaat mijn ellende weg
Ze stierf tijdens een in vlammen geklede nacht
Ogen vol vloeken tot haar moordenaars bij voorkeur
Die vervielen tot hun god door haar visie en stem
"Ik ben als het vallen der nacht om licht weg
te roven"
Steel me weg van hun blikken en zwijg Christus de nacht in
"Ik zal uw gebeden beantwoorden"
Als gij van mijn leven zal drinken
Inbeukende avond luchten
Sterven met zo een tragedie
En zij begraven in koude graven
Waren rond en schapen behagen
Om in diepe hysterie te zijn
Waar onze legende nog ademt
door zoete dood en daarna
Overweldigende nachtmerries...zullen voeden
The Black Goddess Rises:
Gij roep ik in, ongeborene
Geheel vrouw, puur roofdier
Waarin samenzwering en impuls rondwaart
Als een ziedende val van geloof Gij
aanbid ik Gij zijt duisterste Gabrielle
Lilith die reed het ros
Gij zijt bleke Hecate
Rijzend uit Thessaly Verpletter hun
onwaardige idolen
Geen kerk zal ons pad blokkeren
Verleidend Kwaad, drink je slok
Van de bloedende Christus in je armen
Jij bent in mijn dromen
De duisternis in mijn ogen
De extase in mijn schreeuwen
Zwarte Godin verrijs Niets zal ons
gescheiden houden
We kunnen hen allen doden
Als ons verlangen losrukt
Onze unie is een zoete, zondige Eva En
de nacht trok in recht naast haar
Als we het donker omarmen, zij aan zij
Ik giet mijn ziel in die ogen vol van vuur
Om te oogsten het zaad geploegd diep in haar
Aartsengel, vang het vlees
Zuig droog de rottende wond
Laat hen levenloos en gebroken
Mijn geliefde... Oh, hoe ik heb verlangt
naar je
Jij zo puur en ander-wereldlijk met je geur van Winter
Moet ik mijzelf droog bloeden om je genot te zien?
En de angst trekt terug voor altijd
(Kom tot mij, Zwarte Godin verrijs)
Als mijn geheimen begraven zijn in de jouwe
(Kom tot mij, Zwarte Godin verrijs)
Onder zeven sterren kwamen wij samen
(Kom tot mij, Zwarte Godin verrijs)
Om de achteruitgang van de Nieuwe Tijden te plotten
(Kom tot mij, Verrijs!) Ishtar mijn
Koningin
Kom voort tot mij
En help me wegnemen
Mijn toekomst van het Huis van de Dood
Dat in de vrijlating van onsterfelijkheid
Ik zou vermoorden hun kloterige Nazarenen
Ah, de leugens, de jood, dood ik voor jou
Jij bent in mijn dromen
De duisternis in mijn ogen
De extase in mijn schreeuwen
Zwarte Godin verrijs Verborgen lusten
zullen de poorten breken en wemelen
Wanneer liefde de kik voor oorlog verbergt
De maagd, verkracht, zal gaan hoereren
Zij-wolf ontbloot je kwaadaardige kaak
Gij roep ik in, ongeborene
Geheel vrouw, puur roofdier
Waarin samenzwering en impuls rondwaart
Superieure Black Metal Gij zijt
duisterste Gabrielle
Lilith die reed het ros
Gij zijt bleke Hecate
Rijzend uit Thessaly
Her Ghost In The Fog:
“De Maan, ze hangt als een gruwel portret
De bries fluistert het verzoek van de bomen
Als deze tragedie start met een gebroken glazen hart
En het midnachtmerrie verbrijzel van dromen
Maar oh, geen tranen graag
Angst en pijn kunnen met Dood samengaan
Maar het is gewenst dat het herders zekerheid is
Zoals we zullen zien...” Ze was een
goddelijke wezen
Dat kuste in koude spiegels
Een Koningin van Sneeuw
Onvergelijkbaar
Lippen gezet op symmetrie
Zochten haar overal
Donkere, dronken ogen
Een Arabische nachtmerrie... Ze scheen
op waterverf
Van mijn waterleven als parelmoer
Totdat zij die haar niet kregen
Haar van deze wereld sneden Die
noodlottige avond toen...
De bomen roken naar schemer en kamperfoelie
Hun lantaarns volgden schimmen en wierpen
Een nieuwsgierige blik, als de schaduw die zij wierpen
Op mijn lief hakkend berouw bij het licht van de maan
Reden gevend om te vluchten
Of tot de dood zoals zij willen
Ze kropen door wouden, hun blik niet afwendend
Bij het tafzijde veld
Van haar heupen die alle toekijkers
In de ban hielden
Behalve een mist die opkwam
(Een dodelijke zegen om te verstoppen)
Haar geest in de mist Ze verkrachtten en
lieten
(vijf mannen van God)
Haar geest in de mist Zonsopgang
ontdekte haar daar
Onder de Ceder's staar
Zijde jurk gescheurd, haar raven haar
Gevlogen aan toga, haar schoonheid naakt
Was verstard met ijzel, Ik wist haar verlies
Ik huilde tot tranen weer gebeden werden
Ze had me eden gezworen in geurig bloed
"Om nooit uiteen te gaan
Opdat niet jaloerse Hemel onze harten steelt"
Ik schreeuwde toen dit:
"Kom terug tot mij want
Ik was met jou in liefde geboren
Dus waarom moet het lot in de weg staan?"
En terwijl ik haar lieflijke curven verdronk
Met onvertelde dromen en laatste woorden
Spotte ik een glinstering getreden tot de aarde
De sleutel van de Kerk zijn klokkentoren...
Het dorpje betreurde het maar een beetje
Want ze was een heks geweest
Die de mannen hadden geprobeerd te krijgen
En ik brak onder Christus zoekend naar schuldige tekens
Mijn gemartelde ziel op ijs Een Koningin
van Sneeuw
Onvergelijkbaar
Lippen gezet op symmetrie
Zochten haar overal
Verraderlijke ogen
Een Arabische nachtmerrie... Ze was
Ersulie bezeten
Van een melk witte huid
Mijn porseleinen Yin
Een gratievolle Engel van Zonde En dus
voor haar...
De bomen roken naar schemer en kamperfoelie
Mijn lantaarn zat haar geest achterna en blies
Hun kapel in vlammen en allen gekluisterd in een pijn
Het best bewaard voor oordeel die hun Bijbel heeft geconstrueerd
Reden gevend om te vluchten
Of tot vlam, onbeschaamd
Ik voer van tranen
Onafgeleid
Bij het tafzijde veld
Of haar heupen allen in de ban hielden
Die in het nauw zaten
Behalve een mist die opkwam
(Een laatste zegen om te verstoppen)
Haar geest in de mist En ik omarmde
Waar geliefden rotten
Haar geest in de mist Haar geest in de
mist
Swansong For A Raven:
Vergeef de dag's
Laatste serenade
Haar luchten kwetsen zij als Noorse vrouwen
Diep rode vlekken
Die de Dood zou claimen
Daarin zwemt zijn ambtsgewaad Zo ik ook
Want zijn duistere oog
s gericht, een basilisk, een zeis
Op verkoolde resten
Met gedeelde verachting
Voor hen die ik verkoos te kastijden Hun
gehuil
Is verstard
En de rook heeft deze zichten verstikt
Maar ik lig nog
Alhoewel de tranen zijn gedroogd
Op het graf van mijn Clarissa Een vers
voor haar gefluisterd tot de aarde
(Een geliefdes vloek is een doorkijk grafkist)
Prijst haar curven die zo vaak samengingen
Maar ze was:
Geen Sneeuwwitje op de nacht dat ze stierf
Haar schaduwer’s verzoek toen de maan glaceerde
Geraakt met bloed en gegluurde geheimen
Want buiten en binnen spreidden zij haar wijd
Die seraf bruid
De Duivel’s trots
Zal spoedig wreken met snelle vergelding
Maar zij zullen ineenkrimpen
Want mijn donkere oog
Behekst, was gericht als Mordecai’s
Op Esther’s heerschappij
En op die manier
Zag ik hun lusten nog gevlekt op haar dijen
Hun gehuil
Is verstard
En de rook heeft deze zichten verstikt
Maar ik lig nog
Alhoewel de tranen zijn gedroogd
Op het graf van mijn Clarissa Onder deze
bomen waar de mist rond kronkelt
Vlucht haar geest, omdat zij kettingen van fakkels ziet
Een vergankelijke kus die bladeren van poezie verstard
Ik was:
Geen duistere ridder, mannen brekend als ijs
Ik was als een lycanthroop totdat de maan glaceerde
Geraakt met bloed en laatste vaarwels Nu
droom ik
Gewikkeld in pure wolken van de zoetste vergetelheid
Waar schoonheid stroomt
Bevrijd van de tanden van die beesten die waren gekomen
Om haar betoveringen weg te scheuren
In rood geletterde cellen
Waarin zelfs de kroonprins van de Hel
Gekomen uit zijn arrogante schulp
Naar beter zou wankelen Maar haar
gezicht verdrijft snel
En toen zwarte veren vielen
Vanuit Hemelse rook
Werd ik wakker met krankzinnigheid
Haar verfijnde lijk
Lekker gevonden voor hun sport
Zou natuurlijk
De komende ochtend branden met mij En
daar in die nacht
Opgeknoopt in mijn zicht
Zwiept ze naakt
Vertoont voor hun ordinaire genoegen Ik
schreeuw door mijn tralies naar de sterren
Die voor deze misdaden van mij, mij troosten
Ik vrees niet de vlam
Die tot passie is tam
Lang niet dezelfde schroeiende pijn
(Hoop ik) Die heerste bij haar verlies
Noch de aard van het gebrul
Dat zal neerslaan als stokken en striemen
Zoals met onze geesten in de mist
Als we beide niet meer omdraaien
Cemetery And Sundown:
Wij rijzen met de zon in de onderwereld
Wij lijden aan een grafloze naam
Wij eren brede grafdeksels
En wonden met gekrulde lippen
Over tanden die schaamte hebben geproefd
Begraafplaats en zonsondergang
Tegen de flora van de avondval
Verzamelen wij ons als fauna der oorlog
Om de hatelijke Aurora te vervloeken
Met haar steek bij de zonsopkomst
Om het verleden op te roepen
Die bedwelmde nachten van pijn schitterend
In dienst van de Godin van de Dood
Toen haar dekens koninklijk rood aanliepen
Manen verlengen onze crypt-verbonden
silhouetten
Schaduwen dansen, ogen knipperen naarbij
Ontrafel de hebzucht, onze benodigdheden zijn bitter, vergaan
Door omhoog gekeerde monden en kwade bezweringen
Wij bewandelen dit Eden, een geheim
Gezichten verborgen onder Leonische trots
In de greep van schemering
Wij vinden het moeilijk te behouden
Als bloed en lust en wekkende werelden botsen
Te Lang hebben we gedwaald als zwervenden
In de steden van de neon zon
Zwerfhonden en begraafplaats hangers
Mona Lisa’s waarvan de verf uitgelopen is
Ik mis ons glorieuze verleden
Onze nachtelijke vluchten van angst afhangend
Als fantomen op de dakrand voor Miss Christine
Toen de zangvogel haar nek brak
Wolven huilen hun serenades in mist gehuld
Kerken buigen hun rug met balustrades
Geprezen is de verwerping van maskerades
Wanneer we dit maagdelijke ongedierte angstloos verjagen
Van de overeenkomt gemaakt…
Scheur de blindgehouden over de vloeren van
rauw vlees
Er is moord in de dorst
Rijke rode vlezige wandtapijten
Hangend aan vergulde rekken van nonnen in slaap
Waar dromen van beestachtigheid
Een gift zijn voor hun zondagse schaap
Preken gegeven in een zwart gewaad
Over begraafplaats en zonsondergang
Nu teistert de klok middernacht
En de geest van wat-nog-komt
Zal ze herschreven donker plezier laten zien
Of het riool wat we overlopen hebben?
Ik zie een winter paleis
Geslepen diamanten aan een porseleinen nek
Wanneer het Zwanen Meer de gezondheid verpulverde
Gooide ik haar er bloedend in
Wij rijzen met de zon in de onderwereld
Wij lijden aan een grafloze naam
Wij eren brede grafdeksels
En wonden met gekrulde lippen
Over tanden die schaamte hebben geproefd
Wij bewandelen dit Eden, een geheim
Gezichten verborgen onder Leonische trots
In de greep van schemering
Wij vinden het moeilijk te behouden
Als bloed en lust en wekkende werelden botsen
|